Met een smiley als deurknop doet Céline Laridon (42) ons al glimlachen nog voor we goed en wel binnen zijn. Voor wie de styliste in haar vertrouwde jeans, zwarte blazer en wit T-shirt kent, wacht achter haar voordeur een kleurrijke verrassing. Ze verwelkomt ons in haar vrolijke paradijs in De Haan, met een bureau waar je uitkijkt naar maandagochtend, bovenstaand Zara Home-kussen als moodboard en Togo-zetels die vooral als dure rugleuning dienen op het tapijt. Je voelt je hier meteen thuis, en dat ligt heus niet alleen aan het interieur. Ook haar favoriete ruimte verrast: de styliste kiest niet haar dressing, maar de esthetische opbergruimte die de spullen van haar twee tienerzonen een plek geeft.
Stijlvol zonder kousenvoeten
Voorbij de blinkende surfplank in de inkom, de terracottakleurige vestiaire en de knalrode bureauruimte belanden we vanzelf in de zithoek, met zicht op de tuin. Noem het beroepsmisvorming: Céline deelt meteen een eerste tip. “Heb je verbouwplannen? Woon er dan eerst even in. Anders was deze zithoek er misschien nooit geweest. Waar wil je je eerste koffie drinken? Waar vliegen de jassen, boekentassen en surfpakken? Je ontdekt pas al doende hoe een huis ingedeeld moet zijn.” Na een zomer proefdraaien en negen maanden verbouwen zit de flow hier goed. Ook de jaren 70-ziel van het pand trok Céline door in de inrichting. “Een fermette had ik bijvoorbeeld helemaal anders aangepakt. Nieuwbouw? Ik zou niet weten waar te beginnen.” Stijl gaat hier alvast nooit ten koste van comfort, net als in haar kledij. “Ik wil kwaliteit, maar niet zó high-end dat je op de toppen van je tenen moet lopen.”
Kussen als kompas
Dat Céline styliste is, voel je in elke kamer. Al matcht haar interieur aller minst met haar kleerkast. “Zelf voel ik mij het best in neutrale tinten, maar diep in mij schuilt nog een Oilily-meisje.” Tijdens de verbouwing fronste men dan ook weleens bij het zien van haar bonte verzameling kleurstalen. “En eerlijk? Ik ook. Kleurexperte Florence Vandamme en stoffenspecialiste Marie Donck moesten me meer dan eens geruststellen”, lacht ze. “Maar spijt? Geen seconde. Alles is in balans, onopvallend opvallend en helemaal ons.” Geen Pinterestbord, maar de gestreepte Zara Home- stoel in haar bureau bepaalde het kleurenpalet. “Het kussen ervan zat in mijn bak stalen en ging overal mee. Ik moet kunnen puzzelen: als styliste doe ik niet anders en al als kind verschoof ik voortdurend mijn meubels.” Haar interieur groeide zo als een goeie kleerkast: sterke blijvers, mooie details en speelse vondsten.
Van Togo tot twintig euro
Design Oostende naast Zara Home: Céline mixt zonder naar naam en faam te kijken. “Ik wou absoluut geen showroomhuis. Elk stuk dat hier binnenkomt, doet iets met mij.” Items van Atelier Thomas Serruys, Serax en H&M Home staan hier dan ook moeiteloos tussen vintagelampen, grootmoeders glazen en toevallige vondsten. “Wanneer ik iets zoek, vind ik het meestal niet. Op stukken die je huis eigen maken, moet je botsen. Zo spotte ik die turquoise vaas met druiven op een rommelmarkt in Brugge, onderweg naar een evenement. Helemaal opgekleed – inclusief hakken – moest en zou ik ze toch meekrijgen”, lacht ze. Haar allerbeste koopje? “Die lange groene vaas vond ik voor amper twintig euro, dit keer op een rommelmarkt twee straten van ons huis. Instant crush.”
Verhuisdozen richting duinen
Voor eender welk interieurprogramma blijft Céline in haar Togo plakken – of op het tapijt ervoor. “Ik verslind ze. Ook in mijn stapels Vogue Living en de boeken van Jean-Philippe Demeyer kan ik blijven kijken. Een interieurstuk met franjes? Grote kans dat de Bruggeling erachter zit. Niemand doet hem na.” Instagram dient voor praktische tips, zoals een oplaadlade – ideeën die vroeg of laat van pas komen. “Wij blijven gemiddeld tien jaar in hetzelfde huis wonen. Mijn man Bram zit in het vak – Lafraco en Royaux Chape – waardoor renoveren ons niet afschrikt en we graag opnieuw beginnen. Thuis is tenslotte waar ons gezin is.” De rode draad door al die adressen? Postcode De Haan, waar het koppel zelf opgroeide en ze nu hun kinderen datzelfde dorpsgevoel willen meegeven. “De zee brengt ons rust: mijn mannen al surfend, ik al lopend langs het water. Onze volgende verhuis? Die brengt ons hopelijk pal aan de duinen.”
Leukste blikvanger: Een bord aan de muur. Ik bracht het mee uit Marrakech, uit de LRNCE-shop van de Belgische Laurence Leenaert. Veel te mooi om uit te eten.
Ultieme dressingtip: Zet je schoenen boven in je dressing, niet beneden in de gang. Ze kunnen je outfit maken of kraken, dus waarom zou je ze pas op het einde kiezen?
Favoriete adressen: Costersveld in Zedelgem voor bloemen en decoratie, Paralume in Brugge voor unieke lampenkappen en Design Oostende voor grotere meubelstukken.
Betaalbare ontdekking: De deco- en meubellijn van het Nederlandse Sissy-Boy. Om instant vrolijk van te worden.
Advies voor kleur in huis: Begin op tafel met gekleurd servies, bestek of tafellinnen, bijvoorbeeld van het Belgische Studio Noticed. En wees niet bang voor een lik verf: overschilderen kan altijd.
DIY-talent: Dat ontbreekt bij mij. Ik ben jaloers op mensen die een kringloop vondst zelf kunnen opwaarderen. Tekenen, knutselen of naaien kan ik niet, maar zeggen hoe het eruit moet zien? Dat wel. (lacht)
Favoriete interieurprogramma: Get Organized with The Home Edit op Netflix.
Komt nooit binnen: Iets mag ergens op geïnspireerd zijn, maar namaak zal je hier niet vinden. Ook niet in mijn kleerkast.
Grootste interieurmisvatting: Dat je een wit interieur nooit beu raakt.