Op één helling verwijderd van de Oostendse zeedijk waai je zo de wereld van James Ensor in. Veel meer dan een trekgat is het museum een echte trekpleister: zo duiken er jaarlijks 50.000 bezoekers Ensors originele woon- en werkplek in én het hedendaagse belevingscentrum vol maskers, skeletten en zeezichten. Achter de schermen – en de mooiste gevel – houden co-directeur Sam Lauwers (46) en siteverantwoordelijke Katrien Cools (44) alles op koers. Geen wonder dat hun favoriete Crystal Ship-straattekening Ensor als muze heeft.
Verniste werkplek
Al 23 jaar zijn ze collega’s bij Toerisme Oostende, maar de restauratie van het museum dreef zowel Sam als Katrien in 2019 naar het James Ensorhuis. “Ik opereer nog steeds vanuit het toerismebureau – ook voor Fort Napoleon en museumschepen Mercator en Amandine – maar telkens ik zo’n site binnenstap, ben ik opnieuw verwonderd. Je werkt elke dag met schoonheid, in een positieve omgeving”, kadert Sam. Geen toeval dat Grote Marine zijn favoriete Ensor-werk is, want zijn inspiratie haalt hij graag overzee. “Het Guggenheim Museum in Bilbao blijft mijn all time favourite, maar ook de Ensor-collectie van het KMSKA – de grootste ter wereld – móét je gezien hebben.” Katrien kan dan weer blijven turen naar De Baden van Oostende. “Ook de recente remake van fotograaf Athos Burez vind ik enorm straf. Op twee dagen tijd fotografeerde hij hiervoor 180 figuranten op het strand van Oostende.”
Het doek valt nooit
Hun gemiddelde werkdag laat zich moeilijk inkaderen. Katrien jongleert met een breed takenpalet: onthaal, planning, ticketing, communicatie, expo’s, budgetten, facturen én technische mankementen. “Geen dag is hetzelfde. We zijn met acht, aangevuld met jobstudenten, stagiairs en vrijwilligers.” Maandag is heilig om achter gesloten deuren werk te verzetten, maar tijdens vakanties draaien ze zeven op zeven. “Toch willen we geen seizoensmuseum zijn. September en oktober zijn zelfs onze beste maanden; dan komen de trouwe museumpasbezoekers.” Vrije tijd om zélf inspiratie op te doen is schaars, al kijken ze dan steevast beroepsmatig rond: Katrien volgt de ervaring tot in de mailbox, Sam zoomt in op storytelling. “Ook de opstelling van de zaalwachters intrigeert me.”
Constante celsius, wisselende expo’s
Katriens favoriete ruimte is ook een publiekslieveling. “Het Blauwe Salon, Ensors woonkamer, is het fotogenieke hart van het museum. Zo hangt er een spiegelbol waarin je de iconische foto van Ensor met medekunstenaar Permeke en fotograaf Antony Maurice kan nabootsen.” Sam kiest voor de expozaal, waar alleen originele werken hangen. “Temperatuur, luchtvochtigheid en lichtsterkte zijn er tot in de puntjes geregeld. Zo zitten airco en verwarming discreet achter de plinten.” Halfjaarlijks verandert de tentoonstelling, gecureerd door de lokale, maar internationaal gelauwerde Xavier Tricot. Dit jaar staan dialogen met Henri Evenepoel en Léon Spilliaert op het programma, al hebben Sam en Katrien een zwak voor solopresentaties, zoals de expo James Ensor: Zelfportretten van 2024. “Toen kregen we zelfs steun uit het buitenland. Hoeveel zorg er dan in het verhuizen van de werken kruipt, is bijzonder om te zien.”
Van lift tot stadswandeling
In 2024, 75 jaar na Ensors overlijden, werd het museum overspoeld door bijna 80.000 bezoekers. “De uitdaging blijft om iedereen tot hier te krijgen, liefst minimum drie keer: als kind, ouder en grootouder.” Daarom beleeft elke bezoeker hier zijn eigen parcours: van een kindertour met acteur Wim Willaert tot een digitale leesversie voor slechthorenden en een maquette van Ensors atelier op schaal 1:2 (!) met verschillende kijkhoogtes. “Een rolstoelgebruiker vreesde dat hij het Blauwe Salon nooit zou zien, tot hij bij de heropening de lift ontdekte. Dan weet je waarvoor je het doet.” Ensor blijft bovendien niet binnen de muren. Via de Ostend City Walks-app gidst hij je zelf door zijn Oostende, dat toen al veel meer was dan zon en zee. “De badstad bruist van cultuur, het hele jaar door. Toch is Ensor voor velen – zelfs Oostendenaars – nog ongekend en onbemind. Daar willen wij verandering in brengen.”